| Ontgonnen land
Buytenwegh
de Leyens ligt in het noordwestelijke deel van Zoetermeer. De dubbele
naam laat al zien dat de wijk bestaat uit twee delen, Buytenwegh ten
zuiden van Zwaardslootseweg en Binnenpark, De Leyens ten noorden
daarvan. Aanvankelijk werd de wijk Noord-West genoemd. De naam
Buytenwegh is ontleend aan de naam van het gebied dat al in 1647 op een
kaart voorkomt, toen de Meerpolder nog het Soetermeerse Meer was, en
Buytenwegh achteraf, buiten de eerste wegen lag. Het betekent zoveel
als gebied buiten de ontginning.
De naam De Leyens verwijst naar leie, een stuk land. In 1544 wordt het
land tussen de Zwaardslootseweg, Leidsewallen en Meerpolderdijk "Die
Leyens" genoemd, dat zoveel betekent als: de ongeregelde landjes. De
kavels waren hier namelijk niet strak rechthoekig zoals bij de eerder
in cultuur genomen grond.
Buytenwegh de Leyens is gebouwd in de Zoetermeerse of Nieuwe
Drooggemaakte polder. Het land werd tussen 1767 en 1771 met behulp van
vier molens drooggemalen. Door de droogmaking verdwenen de laatste
resten van de eerste ontginningen van Zoetermeer en werden vaarten
langs de Broekweg en Zwaardslootseweg tot onbeduidende slootjes. De
vier molens werden in 1877 afgebroken en vervangen door het gemaal De
Nieuwe Polder aan de rand van de Zoetermeerse Plas. Deze plas wordt
sinds 1977 gevoed door gemaal De Leyens dat overtollig water uit de
vijvers en sloten van de wijken Meerzicht, Driemanspolder en Buytenwegh
de Leyens wegmaalt.
(Bron: De Gave Stad, Cultuurhistorische Verkenningen van de wijken in Zoetermeer, Zoetermeer 2002)
|
Nieuwe truttigheid
Buytenwegh
de Leyens is een typerend voorbeeld van een jaren-zeventig-wijk waarin
de omslag van grootschaligheid naar kleinschaligheid en menselijke maat
in de stedenbouw en de architectuur volledig tot uitdrukking komt. Als
reactie op de eerdere hoogbouw ontstaan wijken met overwegend
laagbouwwoningen met geknikte en verspringende gevels, die aan
kronkelende wegen en knusse pleintjes staan. Het woonerf dat wordt
gekenmerkt door tal van verkeersremmende maatregelen, was het antwoord
op het dreigende overwicht van de auto. Het concept
"verdwaalwijk" was echter geen lang leven beschoren. Aan het eind van
de jaren zeventig werd ze in de architectenwereld alweer verguisd en
deed de term "nieuwe truttigheid" zijn intrede. In het volgende
decennium keerde men terug naar verstrakking en versobering. De
"truttige" jaren-zeventig-wijken worden door de bewoners echter over
het algemeen zeer gewaardeerd. Kleinschaligheid, knusheid, veel groen
en variatie zijn kwaliteiten die de bewoners waarderen en Buytenwegh de
Leyens is daarvan ruim voorzien.
Een duidelijk voorbeeld van een kleinschalige en gevarieerde wijk uit
de jaren zeventig is onze wijk uit 1974 van architect A. Alberts.
(Bron: De Gave Stad, Cultuurhistorische Verkenningen van de wijken in Zoetermeer, Zoetermeer 2002) |